Skip to content

Ouderenpsychiatrie neem (niet) de wijk !

Even een raadseltje. Onze doelgroep groeit, maar ons specifieke aanbod staat steeds vaker ter discussie. Raar, niet waar? En toch gebeurt het. Hoe kan dat? En wat doen we eraan?

In de samenleving bouwen we voorzieningen en aanbod af. Daarmee gaat veel kwaliteit en know how verloren. Ook de Ouderenpsychiatrie staat, buiten en binnen de GGZ, onder druk. Patiënten worden vaker (te) laat aangemeld, waardoor we alleen nog maar aan brand blussen toekomen. Beddencapaciteit neemt af onder druk van politiek en zorgverzekeraars. Maar ambulant is nog onvoldoende uitgebouwd. En weer heel actueel is de (aloude) discussie over opgaan in leeftijdsloos wijkgericht werken.

Kortom de ouderenpsychiatrie zit in de verdrukking. Dat is nooit anders geweest, maar ik proef in mijn omgeving wel een zekere apathie. Zijn we zo murw of zo gewend geraakt aan de underdog positie? En zijn we, net als onze populatie, in plaats van klagen, gaan dragen? Dat is niet nodig. Er is meer dan genoeg om trots op te zijn.

Ouderenpsychiatrie heeft een helder profiel, is voor verwijzers herkenbaar en bereikbaar en de patiënt-, familie-  en verwijzertevredenheid is in de regel hoog. Onze doelgroep vraagt  een eigen benadering . Zo heeft b.v. 1 op de 5 patiënten van ons cognitieve stoornissen en vrijwel alle patiënten meer dan 2 chronische lichamelijke aandoeningen en polyfarmacie.

Onze multidisciplinaire behandeling bieden we sinds jaren dichtbij (thuis en in de wijk), in netwerk en systeemverband en zonder interne schotten en wachtlijsten aan. Dat doen we met een evidence based hoofd en een herstelgericht hart. Vanwege de complexiteit gaat het veelal om maatwerk en maken we bewust gebruik van non-specifieke therapeutische factoren.

 

Daar zit onze kracht én kwetsbaarheid. Met hart en ziel en met een duidelijke overtuiging doen we ons werk en dat is een zeer effectieve non-specifieke factor. Tegelijkertijd blijven we daarin te bescheiden. We laten ons imponeren door DSM V “vlinderprikkers”, onwetende zorgverzekeraars of leeftijd discriminerende gemeente ambtenaren en collega’s.

Opvallend is dat deze discussie veel minder speelt bij het specialisme Jeugd. De Jeugd heeft weliswaar de toekomst, maar de Ouderen zijn het!

Wij juichen de ontwikkeling van wijk en/of gebiedsgerichter werken natuurlijk toe. Het zal bijvoorbeeld een betere zichtbaarheid geven en daarmee vroegere signalering. Er is tenslotte nog steeds sprake van grootschalige onderbehandeling van ouderen met psychische problematiek. Door betere samenwerking op alle levensterreinen kunnen we met dezelfde capaciteit waarschijnlijk meer patiënten helpen. Meer capaciteit dichterbij  zal ook  meer mogelijkheden voor flexibele en snelle interventie geven, waardoor we opnames kunnen voorkomen of verkorten.

Laten we ons realiseren en uitdragen dat Ouderenpsychiatrie al lange tijd zonder schotten en wachtlijsten, flexibel, herstelgericht, op een herkenbare wijze haar werk doet samen met patiënten, naastbetrokkenen en verwijzers. We zijn dus eigenlijk een prachtig voorbeeld van wijkgericht werken. Blijf jezelf dus serieus nemen en eis die eigen plek in het specialistische behandelaanbod op. Daarmee zal ook de instroom weer toenemen zoals passend is bij de groei van de doelgroep.