Skip to content

Proefschrift

Schizophrenia in Later Life: Studies on prevalence, phenomenology and care needs

  • Paul David MeestersĀ 

Paul David MeestersĀ 

Jaar: 2011

Uitgeverij: Vrije Universiteit Amsterdam

Hoofdthema:
Schizofrenie bij ouderen

Samenvatting
Schizofrenie is waarschijnlijk de ernstigste psychiatrische aandoening die een mens kan treffen, zowel door de ingrijpende symptomen als de vaak levenslange duur van de ziekte. Patienten hebben vaak last van hallucinaties, wanen of verwarde spraak (zogenaamde positieve symptomen), maar ook apathie en contactarmoede (zogenaamde negatieve symptomen) kunnen zeer invaliderend zijn. tenslotte kan cognitief functieverlies, dat zich bij voorbeeld uit in verminderde aandacht of verlies van overzicht, voor ernstige beperkingen zorgen. Schizofrenie begint weliswaar vaak, maar niet altijd op jongere leeftijd. Bij aanvang van de ziekte voor het veertigste jaar spreekt men van ´early onset´ schizofrenie, terwijl er bij een begin tussen het veertigste en zestigste jaar sprake is van ´late onset´ schizofrenie. Wanneer zich na het zestigste jaar een op schizofrenie gelijkend beeld ontwikkelt, is de term ´very-late-onset schizophrenia-like psychosis´ gangbaar. Ouderen met schizofrenie vormen een heterogene groep. Naast oudere patienten die al op jonge leeftijd schizofrenie hebben gekregen, omvat de groep tevens patienten die deze aandoening pas op latere leeftijd ontwikkelden. Gezien de bij schizofrenie sterk verhoogde mortaliteit, kunnen oudere patienten met ´early onset´ schizofrenie worden beschouwd als overlevers. Hun levensloop is vaak sterk bepaald door hun aandoening, die kansen op opleiding, werk, vriendschappen en relaties meestal ernstig heeft beperkt. Zulke  beperkingen hebben de meeste patienten met een later ontstane schizofrenie niet ervaren. Toch heeft ook schizofrenie die pas op latere leeftijd ontstaat een ernstig ontregelende invloed op het leven van patienten en hun omgeving. Oudere patienten zijn sterk onderbelicht in de  wetenschappelijke literatuur over schizofrenie, terwijl het een snel groeiende groep betreft die bovendien meerdere specifieke kenmerken heeft. Een van de redenen voor deze onderbelichting zal gelegen zijn in de dubbele stigmatisering waar deze patienten mee te maken hebben: het stigma van schizofrenie en het stigma van ouderdom. In Nederland zijn er momenteel naar schatting zo'n 20.000 zestigplussers met schizofrenie. Door demografische ontwikkelingen zal deze groep over 20 jaar, in 2031, zijn toegenomen tot ongeveer 30.000 personen. Daarmee zijn ouderen de snelst groeiende
groep van alle mensen met schizofrenie. Door de sterke afbouw van intramurale psychiatrische voorzieningen gedurende de tweede helft van de vorige eeuw, wonen de meeste ouderen met schizofrenie vandaag de dag in de maatschappij.