Skip to content

Proefschrift

Voorspellen van individuele behandelrespons op ECT met MRI

  • Lineke Tak, Anouck Visscher

Lineke Tak, Anouck Visscher

Jaar: 2016

Waarom dit onderzoek?

Elektroconvulsieve therapie (ECT) is een effectieve methode om een ernstige

depressieve stoornis te behandelen. Uit meerdere onderzoeken blijkt steeds een

responspercentage van circa 70%. Ongeveer een derde van de patiënten

reageert dus niet. Er zijn op dit moment geen klinische of biologische voorspellers

voor de respons op ECT.

 

Onderzoeksvraag

Kan een MRI-scan bij patiënten met een depressieve stoornis op individueel

niveau voorspellen bij wie ECT effectief zal zijn?

 

Hoe werd dit onderzocht?

In een niet-gerandomiseerde, prospectieve studie werden 47 patiënten met een

ernstige depressieve stoornis geïncludeerd. In de interventiegroep kregen

23 patiënten ECT (gemiddeld 14 sessies) én medicatie. De controlegroep van

23 patiënten kreeg alleen medicatie. Voor en na de behandeling werd een

structurele MRI gemaakt waarop met een computeralgoritme grijzestofpatronen

werden geanalyseerd die voorspellend zijn voor respons. Respons werd

gesteld op ten minste 50% afname op de Hamilton Depression Rating Scale.

 

Belangrijkste resultaten

De behandelrespons op ECT kon voorspeld worden met een accuraatheid van

78,3%, specificiteit van 50% en sensitiviteit van 100%. De sterkste voorspeller

voor individuele respons op ECT bleek het volume van de subgenuale gyrus

cinguli, een gebied betrokken bij emotieregulatie en ook het doelgebied bij

diepe hersenstimulatie voor depressie. Daarnaast was ECT geassocieerd met een

sterke toename van het volume van de hippocampus.

 

Consequenties voor de praktijk

Een sensitiviteit van 100% betekent dat op basis van deze ene studie alle

patiënten die baat zullen hebben bij ECT correct geselecteerd zouden kunnen

worden met een hersenscan. Mogelijk kunnen deze bevindingen gecombineerd

worden met eerder in dit tijdschrift beschreven functionele MRI-biomarkers

(2014: 825), waarbij een sensitiviteit van 84% werd gevonden. De resultaten van

beide studies moeten echter eerst prospectief gerepliceerd worden, dat wil

zeggen in een studie waarin ECT wordt toegewezen aan patiënten op basis van

de MRI-scan. Een kanttekening is dat met deze studie nog niet bekend is of de

voorspellende waarde ook zal blijken bij medicatieresistente depressie, waarvoor

ECT in de klinische praktijk in Nederland het meest toegepast wordt.

Mochten deze resultaten echter standhouden, dan is een goed beschikbare

biomarker gevonden voor gepersonaliseerde behandeling van een depressieve

stoornis met ECT.