Skip to content

Wat is het? dossier Schizofrenie

Schizofrenie begint vaak heel onopvallend. Een jong persoon raakt tijdens zijn puberteit steeds meer verwijderd van de werkelijkheid en gaat rare dingen denken. Zijn gedachtegang wordt onlogisch en onnavolgbaar. Als die persoon erg verward raakt, stemmen gaat horen of denkt dat hij achtervolgd wordt, kan er sprake zijn van een psychose. Een psychose betekent dat iemand het contact met de werkelijkheid verloren is. Als een persoon een psychose heeft kan er sprake zijn van schizofrenie. Dit is niet noodzakelijk, want een psychose kan ook ontstaan door drugsgebruik, depressie of na een zeer intensieve, uitputtende, stressvolle periode. Bij ouderen is er vaak al lang sprake van terugkerende psychosen en verminderd dagelijks functioneren.

Er kan sprake zijn van schizofrenie als een persoon één langdurige psychose of meerdere psychosen heeft gehad en na de psychose niet meer functioneert zoals hij daarvoor deed. Iemand met schizofrenie kan na een psychose vaak minder goed omgaan met belasting, zoals een full-timebaan. De symptomen van schizofrenie worden onderscheiden in positieve en negatieve symptomen. Positieve symptomen horen bij een psychose en negatieve symptomen horen bij de tijd na een psychose.

Positieve symptomen

  • Wanen: Overtuigingen of gedachten die niet overeenkomen met de werkelijkheid, waarbij de persoon zelf in het middelpunt staat.
  • Bijvoorbeeld iemand met een paranoïde waan denkt dat hij continu wordt gevolgd. Iemand met een betrekkingswaan denk dat alle nieuwsberichten speciaal voor hem bedoeld zijn.
  • Hallucinaties: Bij hallucinaties ervaart iemand dingen die er niet zijn, zoals stemmen, kleuren of geuren. Iemand ziet of hoort dingen die er in de werkelijkheid niet zijn.
  • Verward denken: Gedachtegangen zijn totaal niet logisch meer. Iemand begint aan één stuk door te praten of reageert helemaal niet goed op vragen. Zo'n persoon is niet ontvankelijk voor sturing in gedachten. Er is geen touw aan vast te knopen.

Negatieve symptomen

  • Verwaarlozing van zichzelf, werk en sociale contacten
  • Weinig energie en vlakke emoties
  • Weinig concentratie en onbegrijpbaar voor de omgeving.