Skip to content

Wie en wat biedt psychiatrische consultatie in het verpleeghuis?

Wie?

Consultatie vanuit de GGZ kan worden geboden door consultatief ingestelde psychiater, sociaal psychiatrisch verpleegkundige (SPV) en/of verpleegkundig specialist (VS). Afspraken hierover tussen zorginstelling en psychiater, SPV en VS worden op dit moment op diverse wijze vormgegeven. De aandacht gaat hierbij nu nog voornamelijk uit naar de ingrijpende problemen rond neuropsychiatrische problemen met agitatie, agressie, apathie en/of depressie bij dementie. Wenselijk is dat ook psychische problemen op somatische en revalidatieafdelingen voldoende aandacht krijgen.

Wat?

De reguliere consultatie in de verpleeghuizen zoals geboden door de GGZ bestaat uit periodieke intervisiebijeenkomsten van diverse betrokken disciplines. Hierbij aanwezig zijn van de aanvragende instelling de specialist ouderengeneeskunde (S.O.G.), de psychologen en naar gelang de behoefte de eerst verantwoordelijke verzorgende (EVV) of zorgcoördinator (ZOCO), fysiotherapeut, en andere relevante disciplines. Van de GGZ zijn een psychiater en een verpleegkundige (VS, SPV) aanwezig. Tijdens de bijeenkomsten wordt casuïstiek ingebracht door de arts, in samenspraak met psycholoog en verzorgende, en multidisciplinair besproken.
De afspraken worden bij voorkeur een half jaar tevoren vastgesteld op een vaste dag en tijd. De psychologen spelen o.a. een rol in het opstellen van de agenda en het voorbereiden van de bijeenkomst. Er worden hiertoe individuele afspraken gemaakt over financiering door de zorginstelling.
Aanvullend zijn de scholingsactiviteiten waaronder klinische lessen, periodiek onderwijs aan artsen, psychologen en verzorgenden over psychiatrische onderwerpen en “teaching on the job”. Deze worden door de Zorginstelling ingekocht en vallen bv onder het opleidingsbudget.
Ook zijn DBC consulten, gefinancierd door de zorgverzekeraar, als ambulante zorg mogelijk in de Zorginstelling. Hierbij wordt een patiënt aangemeld door de SOG en ingeschreven bij de GGZ. De patiënt wordt door psychiater en verpleegkundige (SPV) bezocht en onderzocht in het verpleeghuis, informatie wordt ingewonnen bij verwijzer, verzorgend team en indien betrokken, familie of mantelzorgers. Een analyse van de psychische problemen wordt op biopsychosociale wijze weergegeven waarbij de omgeving van het verpleeghuis als een van de sociale pijlers wordt bezien. Een behandelplan wordt gezamenlijk met patiënt, SOG, psycholoog en andere betrokkenen gemaakt en besproken. Hierin kan een behandel- en omgangsadvies geformuleerd worden. De SPV kan zo gewenst een deel van de begeleiding van patiënt, familie en verzorgend team op zich nemen in samenspraak met het behandelteam. Bij DBC consult is het van belang dat de indicatie voor het consult, mede gebaseerd is op een psychiatrische diagnose anders dan de opname indicatie voor het verpleeghuis.

Er zijn twee varianten mogelijk: 

◊ Als eerste een eenmalig consult “diagnostiek met advies”. Het is aan de verwijzer om te beoordelen of het advies wordt gevolgd en aan de verwijzer om eventueel vervolg en evaluatie in de gaten te houden. 

◊ Als tweede variant is het consult met medebehandeling; het is aan de consulent om in de gaten te houden dat het advies wordt opgevolgd en de afspraken met betrekking tot evaluatie/vervolg worden nagekomen.

Vormen van consultatiemogelijkheden

Het onderscheid tussen gebruikelijke ambulante GGZ zorg en consultatieve zorg ligt onder meer in de uitgebreidheid van de intake en diagnostiek van de patiënt zelf in het eerste geval en de uitgebreidere ondersteuning van het verzorgend team in het tweede. Bovendien is de DBC met inschrijving in de GGZ een tijdsintensievere activiteit voor de psychiater met veel administratieve verplichtingen. Ten slotte levert de ZVW financiering mogelijk een kostenpost voor de patiënt zelf.
De GGZ levert de 24 uurs crisisdienst voor acute situaties en de mogelijkheid om te ondersteunen bij aanvragen van juridische maatregel in geval van nood. Dit kan in samenwerking met de consultatiemedewerkers goede continuïteit van zorg bieden. Indien de situatie daarom vraagt en intensievere zorg in het verpleeghuis met ondersteuning vanuit de ggz niet haalbaar blijkt, dient (kortdurende) opname in de GGZ soepel geregeld te worden (ketenzorg). Dit kan alleen indien er goede afspraken gemaakt kunnen worden over het terugplaatsen van de patiënt vanuit de GGZ naar het verpleeghuis.2
Een vorm van consultatie wordt geboden door het Centrum voor consultatie en expertise (CCE). Het heeft een aparte financiering en kan aangevraagd worden door instelling, patiënt of familie. Het biedt expertise over ernstig probleemgedrag bij mensen met een stoornis en/of een beperking van alle leeftijd en alle type aandoeningen, dus niet specifiek psychische aandoeningen. Het is echter niet verbonden aan een 24u setting en biedt geen acute crisisondersteuning.7
Ten slotte zijn er vrij gevestigde psychiaters die voor consulten ingeschakeld kunnen worden. Regionaal is dit verschillend opgezet.

Financiering

In de Positionpaper van april 2018 zegt GGZ Nederland dat het “mogelijk moet zijn om eenvoudig consultatie aan te vragen( ….) ongeacht uit welk domein” .

Verschillende bronnen van financiering vormen een extra uitdaging om de best passende zorgmodellen in de praktijk vorm te geven.
Er zou een duurzame visie en financiering moeten zijn vanuit overheid en zorgverzekeraar.

Samenwerking

Voor ouderen met psychische aandoeningen dient de zorg en behandeling van deze doelgroep georganiseerd te worden met aandacht voor geïntegreerde zorg en behandeling in goed functionerende netwerken.
De kracht van goede zorg aan ouderen met psychische aandoeningen uit zich in intensieve samenwerking, het eenvoudig kunnen opschalen van zorg en schakelen tussen verschillende disciplines, ook bij schijnbaar enkelvoudige problematiek.2
In de Generieke Module Ouderen met psychische aandoeningen2 en het addendum Ouderen met complexe problematiek2 wordt t.a.v. de organisatie van zorg rondom kwetsbare ouderen specifieker gewezen op de onwenselijkheid van scheiding tussen geestelijke en somatische gezondheidszorg en op de noodzaak tot geïntegreerde multidisciplinaire benadering met consultatie opties. In diverse kwaliteitsstandaarden, richtlijnen en zorgdocumenten wordt het belang benoemd van ketenzorg, collaborative care, multidisciplinair zorg rond verpleeghuisbewoners met psychische aandoeningen. De organisatie van psychiatrische consultatie wordt in Nederland op nogal diverse wijze vorm gegeven.6 Dit is mede ingegeven door regionaal aanbod, financiële aspecten en/of belemmeringen.

Onderzoek

Onderzoek liet zien dat met een relatief eenvoudige interventie via consultatie veel vooruitgang kon worden geboekt, met afname van agitatie, prikkelbaarheid, ontremming en psychotische symptomen. Een mogelijke verklaring voor het grote effect is de gebruikte consultatievorm: structureel, multidisciplinair en langer durend.2

Bij voorkeur wordt continuïteit van psychiatrische zorg georganiseerd met een laagdrempelig en regulier consultatieaanbod voor alle verpleeghuisafdelingen. Een aanvullend 24 uurs aanbod in geval van crisis is aanbevolen.

 

2 Generieke module Ouderen met psychische aandoeningen, oktober 2017, Netwerk kwaliteitsontwikkeling GGZ + addendum jan 2018 (commentaarversie) www.kwaliteitsontwikkelingggz.nl

De Psychiater 25(4) 2018

7 www.CCE.nl

 

Ga naar:

Wat is psychiatrisch consultatie in het verpleeghuis?

Doeleinden van psychiatrische consultatie in het verpleeghuis?

Voor wie is het bedoeld?

Organisatietips

Bronnen

Overige informatie